Zoekt u Christelijke gedichten voor kerkblad, liturgie, bijbelstudie, vieringen of een gedicht bij een Bijbelgedeelte? De gedichten die u hier aantreft mag u ongewijzigd met vermelding van naam en bron vrij gebruiken. Zoekt u een digitale verjaardagskaart, beterschapskaart, condoleancekaart of doopkaart met een gedicht? Ook die kunt u hier vinden. Voor vragen of het verzorgen van een lezing met voordrachten of een workshop kunt u contact opnemen via cobytjeert@live.nl Inmiddels is er ook een volledig programma voor Kerst en Pasen. Mijn boeken zijn via mijn mailadres verkrijgbaar en te leen in de bibliotheek. Er is nog een interview te beluisteren van enkele jaren geleden , https://soundcloud.com/user-671424345/interview-coby-poelman-duisterwinkel-10-07-2017

dinsdag 23 april 2019

Bede voor het Koningshuis

Wij bidden u
een mantel toe
van Goddelijk erbarmen
die u tot in de zomen
omringt met Levenskracht
en u omhult met
Lichtglans in de nacht.

O Levensvorst,
houd in Uw Majesteit
Uw koningsmantel
om hen heen gevlijd.

Coby Poelman - Duisterwinkel


Uit de bundel 'Verrassend uitzicht'

zaterdag 20 april 2019

Paasmorgen

‘k Had kruiden voor mijn Liefste in olie gestopt,
ik kon de hele nacht niet slapen, ik was kapot.
Toen kwam ik bij het graf en wist niet wat ik zag,
de steen was weg, ik schrok en keek hoe Hij er lag.
Ik vloog naar Simon Petrus en Johannes op een draf,
Ze hebben onze Jezus weggehaald uit zijn graf,
Johannes kon van ons het hardste lopen,
boog zich bij de ingang meteen voorover
en zei dat hij de doeken liggen zag,
Petrus wilde het zien, hij ging in het graf.
De doek voor het zweet lag opgerold en apart,
Johannes geloofde dat Jezus het neergelegd had.

De beide mannen vertrokken met elkaar,
ik wilde nog niet naar huis, voelde mijn tranen.
Dit was teveel, ik keek waar Hij gelegen had,
daar zag ik door mijn troebele ogen in de schaduw
twee engelen zitten in lichte witte kleren,
ze vroegen mij wat me toch zo deerde.
Ik zei dat ze mijn Jezus hadden weggehaald
en dat ik nu niet wist waar hij gebleven was.
Toen ik omkeek zag ik de tuinman die mij stilde,
hij vroeg ook al waarom ik toch zo weende,
wilde graag weten wie ik eigenlijk zocht,
misschien had hij Hem ergens heengebracht.

Dat vroeg ik hem en toen riep hij mijn naam,
Ik zag dat Híj het was, ging heel dicht bij Hem staan.
Meester, riep ik van pure blijdschap uit.
Hij was het echt, Hij gaf mij nieuw geluid.
Ik zeg u wat Hij opdroeg om te zeggen,
Hij ging weer naar zijn Vader, ik zal het uitleggen;
Zijn Vader is ook onze, Hij ging dus naar God,
Hij ging alvast, wij komen nog aan bod.
‘k Ben toch zo blij dat ik Hem weer levend zag,
Hij is mijn adem, mijn lichtglans in de nacht.

Coby Poelman - Duisterwinkel

donderdag 18 april 2019

Nardusmirre

Zoals de geur
van nardus,
vergoten door de
Messiaanse bruid,
zo bent U mij nabij.

Zoals de Zoon
voor zijn begrafenis
in ’t voordeel
van Maria zei:
Mij hebt ge niet altijd…

zolang de Koning
aan zijn tafel is gezeten
verspreidt de nardus
mij zijn geur
totdat Hij komt!

Coby Poelman-Duisterwinkel.

Naar Johannes 12 : 8 en Hooglied 1 : 12

Misschien ook te gebruiken voor de laatste zondag van het kerkelijk jaar.


dinsdag 16 april 2019

Natuurfluistering

Verscholen in zijn randjesmuts
wacht hij de stilte af,
voorzichtig als een zijderups
glijdt hij op de tast,
vult zich met het frisse
en eitjes van de slak,
de sporen, niet te wissen,
verraden waar hij was.

Het frisse groen, ontsproten,
wacht het zonlicht af,
uitbundig, onbespoten
voelt het de zuigerskracht,
ontdoet zich van het slijmsel
door overlevingskracht,
bevrijd voelt hij het glijden,
ontvouwt zich tot een pracht!

Onder een mooie randjestop
glijdt over zwarte aarde
de huisjesslak, hij denkt hardop;
ik liet je in je waarde.

Coby Poelman - Duisterwinkel

donderdag 11 april 2019

Uw Vaderlijk gebed

Vader, wat mooi
dat U in ‘Onze Vader’
ons leerde bidden voor elkaar;
vergeef ons onze schuld.
Zo leerde U ook schulden van de ander
als die van ons te zien,
U gaf ons zelfs nog meer in wat U leerde,
want alles wat wij vragen
in Uw Vaderlijk gebed
het is niet voor ons zelf
maar voor elkander,
zo brengt U door dat woordje ons
ons kindschap in verbondenheid
in wat wij aan U vragen.
Geef dat Uw wil door ons
mag worden uitgedragen.

Coby Poelman - Duisterwinkel